Omslagafbeelding

De ‘bemoeijingen’ van Koch. P.J.H. Cuypers, F.C. Koch en de restauratie van de Grote Kerk in Zwolle 1875-1898

Jacco Vromen

Samenvatting


By the second half of the nineteenth century, the Grote Kerk, or St-Michael’s Church, in Zwolle was in bad repair indeed. Initially, in 1875, the Reformed congregation only considered repairing the church windows. Eventually, under the supervision of government advisor P.J.H. Cuypers (1827-1921), the church underwent a large-scale restoration. It was one of the largest early restoration projects in which the Board of Government Advisors for Monuments of History and Art played an advisory part. The restoration itself took place under the management of Zwolle’s native architect F.C. Koch (1840-1917). In general, the literature assumes that Cuypers was responsible for the design and that Koch was merely the ‘executive’ architect. This article qualifies this assumption.

The research not only offers a clear overview of the restoration process of the Grote Kerk in Zwolle at the end of the nineteenth century, but also presents a much more balanced view of the relationship between Cuypers and Koch, and sheds light on V. De Stuers’ (1843-1916) role in the restoration process. De Stuers, a senior government official at the Home Department, had adopted a critical attitude towards Cuypers’ restoration designs and, behind the scenes, played an important steering role in the restoration research. The sources show that Cuypers greatly influenced the course and scale of the restoration. As government adviser he advocated an overall restoration of the church and personally drew up restoration plans and a budget. And so the initial plan to restore a few windows developed into an overall restoration, in which Koch was not just the implementer of Cuypers’ restoration ideas but had a much greater influence on the end result than has been assumed until now. He played a major part in the restoration research, effectively designed the north portal and made his mark on the restoration with his designs for elements such as the window tracery, the vault paintings and the consistory.

As government advisor, Cuypers was of course authorized to make changes to Koch’s designs and Koch needed his permission to implement them, but in many instances Cuypers made hardly any changes or none at all. In his restoration advice Cuypers hardly made any comments on Koch’s designs either. This shows how attention should also be paid to the exact nature of the ‘bemoeijingen’ (involvement) of so-called executive architects when analyzing the Dutch government-subsidized restoration practice in the nineteenth century.


Referenties


Anoniem, ‘De Groote of St. Michaëlskerk’, Zwolsche Courant 31 augustus 1896.

Zie: A.J.C. van Leeuwen, De maakbaarheid van het verleden. P.J.H. Cuypers als restauratiearchitect 1850-1918, Zwolle 1995, 107-113; C.J. van der Peet en G.H.P. Steenmeijer (red.), De rijksbouwmeesters. Twee eeuwen architectuur van de Rijks­gebouwendienst en zijn voorlopers, Rotterdam 1995, 219.

Van Leeuwen 1995 (noot 2), 241.

Deze archieven zijn ondergebracht bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), het Nederlands Architectuurinstituut (NAi) in Rotterdam, het Historisch Centrum Overijssel (HCO) in Zwolle en het Nationaal Archief (NA) in Den Haag.

Het artikel is een bewerking van de masterthesis van de auteur: Restaureren op rijksadvies: P.J.H. Cuypers en de restauratie van de Grote- of St. Michaëlskerk in Zwolle 1875-1898, Universiteit Utrecht, juli 2012, begeleider dr. M. Hurx. Raadpleeg voor een gedetailleerd overzicht van het verloop van de restauratie en de concrete restauratiewerkzaamheden de masterthesis via http://igitur-archive.library.uu.nl/student-theses/2012-0906-200642/UUindex.html.

Van Leeuwen 1995 (noot 2), 94.

Verder bestond het College van Rijksadviseurs uit C. Leemans (directeur van het Rijksmuseum van Oudheden te Leiden), A.J. Enschedé (gemeentearchivaris in Haarlem), C. Vosmaer (kunstcriticus en redacteur van de Nederlandsche Spectator), J. Weissenbruch (schilder en tekenaar) en J.R.T. Ortt (hoofd­inspecteur van Waterstaat).

Zie de discussie tussen De Stuers en Cuypers bij de restauratie van de Sint-Servaaskerk in Maastricht in J. Perry, Ons fatsoen als natie: Victor de Stuers 1843-1916, Amsterdam 2004, 181-183.

Van der Peet en Steenmeijer 1995 (noot 2), 175-176.

Gemeente Zwolle, ‘Koch & Koch: een architectenfamilie rond 1900’, Informatieblad Monumentenzorg en Archeologie 16 (december 1992), 1-3.

Het bureau W. en F.C. Koch werd ingeschakeld bij de nieuwbouw van de neoromaanse kerk te Heino (1867), de in neorenaissance opgetrokken kerk te Gramsbergen (1878) en een kerk in neogotische stijl in Genemuiden (1883).

Gemeente Zwolle 1992 (noot 10), 3-8.

J. Erdtsieck, ‘Een restauratie in de 19e eeuw, de Grote kerk van de ondergang gered’, Zwols Historisch Tijdschrift 15 (1998) 2, 46-50.

Bestek en voorwaarden wegens het vernieuwen en herstellen van de oude ramen en bijbehooren in de Groote of Michaëlikerk, 5 februari 1875, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 596.

Notulen van de vergadering van het College van Rijksadviseurs voor de Monumenten van Geschiedenis en Kunst 22 februari 1875, NA, 2.04.40.06 archief Rijksadviseurs, inv.nr. 1.

F.J. Duparc, Een eeuw strijd voor Nederlands cultureel erfgoed, Den Haag 1975, 38.

Advies College van Rijksadviseurs voor de Monumenten van Geschiedenis en Kunst, 25 februari 1875, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 596.

Notulen van de gecombineerde vergadering van kerkvoogden en notabelen 8 maart 1875, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 452.

Mededeelingen van de Rijksadviseurs voor de Monumenten van Geschiedenis en Kunst (1879), uitgegeven door het Departement van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, Den Haag 1921, platen 15-16 en 25-33.

Uit de correspondentie tussen Cuypers, Koch en de Hervormde gemeente blijkt dat Van den Bergh en Hezenmans enkel een seconderende functie hadden.

Brief van de kerkvoogdij aan de minister van Binnenlandse Zaken, 20 februari 1882, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 452.

Cuypers was in ieder geval zelf zeer content met zijn restauratieontwerpen voor de Sint-Michaëlskerk. Hij gaf namelijk in april 1879 aan dat hij de plannen graag terug wilde hebben van het kerkbestuur, zodat hij deze naar München kon sturen voor een daar in juli te houden kunst­tentoonstelling. De minister had Cuypers opdracht gegeven om voor deze tentoonstelling een selectie te maken van tekeningen en plannen van de ‘vaderlandsche monumenten van geschiedenis en kunst’. Brief Cuypers aan de kerkvoogdij, 8 april 1879, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 596.

Een vergelijking van doorsneden van de kerk is alleen niet mogelijk, omdat hiervan geen ontwerpen van Koch bewaard zijn gebleven. Hetzelfde geldt voor de zuid- en westgevel, omdat hier juist tekeningen van Cuypers van ontbreken. De doorsneden van Cuypers geven, gelijk aan de plattegrond, ook geen grote wijzigingen weer ten opzichte van de bestaande toestand (uitgezonderd de profilering van de vensters).

Daarnaast heeft Cuypers in de plattegrond de bestaande toestand van het interieur in hoofdlijnen weergegeven en heeft hij de vorm van de absis van de oudere Romaanse voorganger getekend. Het is niet duidelijk of dit laatste op fantasie of op aantoonbaar bewijs is gestaafd. Deze absis wordt in de documentatie nergens vermeld.

Ook is de sacristie (stovenhok) op het ontwerp van Cuypers hoger, voorzien met blindnissen en is het venster links hiervan verder naar beneden doorgetrokken.

Brief van Cuypers aan de kerkvoogdij, 17 december 1878, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 596.

Advies van Cuypers en Van den Bergh aan de minister van Binnenlandse Zaken, 24 augustus 1882, NA, 2.04.13 archief BiZa/Kunsten en Wetenschappen 1875-1918, inv.nr. 1473.

Brief van Koch aan de Commissie voor de Restauratie van de Sint-Michaëlskerk te Zwolle, 20 september 1882, NA, 2.04.13, inv.nr. 1473.

Advies Cuypers en Hezenmans, 8 augustus 1883, NA, 2.04.13, inv.nr. 1473.

J.A.C. Tillema, Schetsen uit de geschiedenis van de monumentenzorg in Nederland, Den Haag 1975, 274.

Brief van De Stuers aan Cuypers, 8 maart 1886, NAi, archief Bureau Cuypers, inv.nr. g162.

Deze dienden niet rond, maar accoladevormig te zijn. Tevens moesten de kruisbloemen in de nissen hoger geplaatst worden.

Brief van Mulder aan De Stuers, 9 juli 1886, NAi, archief Bureau Cuypers, inv.nr. g162.

Brief van De Stuers aan Cuypers, 8 maart 1886, NAi, archief Bureau Cuypers, inv.nr. g162.

Perry 2004 (noot 8), 184.

F.C. Koch, Toelichting van de in potlood genomen copieën, naar oude schilderijen, 28 februari 1886, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 596.

F.C. Koch, Toelichting van de in potlood genomen copieën, naar oude schilderijen, 28 februari 1886, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 596.

Brief van De Stuers aan Cuypers, 8 maart 1886, NAi, archief Bureau Cuypers, inv.nr. g162.

Enige wijziging had Koch later nog aangebracht ten aanzien van het venster op de eerste verdieping. Bij nader onderzoek tijdens de inspectie in juni bleek dat het bovenste deel van het venster niet blind was geweest, maar met glas in lood was gevuld.

Brief van Koch aan de minister van Binnenlandse Zaken, 17 juli 1886, NA, 2.04.13, inv.nr. 1473.

Brief van Koch aan de kerkvoogden, 21 mei 1892, HCO, 1140 archief Nederlands Hervormde gemeente te Zwolle, inv.nr. 596.

Advies Cuypers en Van den Bergh, 24 augustus 1882, NA, 2.04.13, inv.nr. 1473.

Advies Cuypers en Van den Bergh, 20 december 1882, NA, 2.04.13, inv.nr. 1473.

Bij de vensters aan de noord- en zuidzijde van de kerk werden de in 1876 gemaakt ontwerpen van Cuypers toegepast.

Brief van de minister aan de commissie voor de restauratie der Sint-Michaëlskerk te Zwolle, 9 mei 1883, NA, 2.04.13, inv.nr. 1473.




DOI: http://dx.doi.org/10.7480/knob.113.2014.1.656



Copyright (c) 2015 Bulletin KNOB